KOPP en ontwikkelingstrauma, opgroeien met één of twee ouder met psychische problemen
KOPP zijn betekent opgroeien met één of twee ouders met psychische en/of verslavingsproblemen. Dat roept meteen de vraag op: wat is eigenlijk het meest voorkomende gevolg daarvan?
Trauma, maar dan vaak onzichtbaar
Als KOPP-kind groeide je op met onvoorspelbaarheid. Misschien had je een ouder die emotioneel afwezig was, of juist eentje die geen grenzen kende. Er was langdurige stress, angst, emotionele onmacht en soms ook ruzies, geweld, gedwongen opnames of halsoverkop het huis uit moeten.
We kunnen grofweg twee dingen onderscheiden.
Het zijn van de ouders: hun chronische toestand, hun manier van in de wereld staan.
En het doen van de ouders: de incidenten en gebeurtenissen.
Beide hebben impact, maar op een andere manier.
Het zijn van de ouders beïnvloedt het worden van het kind. In de eerste levensjaren is de wereld van een kind klein en de ontwikkeling razendsnel. Kinderen leren sociaal en emotioneel door te imiteren wat ouders voorleven. Als dat voorbeeld niet gezond is, ontstaat er ontwikkelingstrauma.
Het doen van de ouders, de incidenten, kan leiden tot emotionele overweldiging en vervolgens tot shocktrauma.
Overweldiging hoeft niet altijd tot trauma te leiden. Dat hangt af van één cruciale factor: is er een veilige volwassene bij wie het kind terecht kan om spanning te ontladen? Normaal gesproken is dat een ouder. Bij KOPP ligt daar precies het probleem. Die ouder is vaak zelf de bron van de stress.
Geen veilige haven, wel hoge golven. En dus veel trauma. Ontwikkelingstrauma komt daarbij het meest voor en wordt tegelijk het minst herkend. Daarom focust dit artikel daarop.
Je hunkerende innerlijke kind op schoot
Wie met emotionele ontwikkeling bezig gaat, komt vroeg of laat bij de vraag: ben ik eigenlijk wel lief genoeg voor mezelf? Veel mensen zijn opvallend streng voor zichzelf. Alsof er een innerlijke schoolmeester rondloopt die nooit tevreden is.
Vaak wordt dan gezegd: zet je innerlijke kind op schoot. En voor veel mensen is dat precies wat nodig is. Omdat ze dat als kind gemist hebben. Hoe we zelf behandeld zijn, zo behandelen we vaak het kind in onszelf. Een echo, die pas stopt als we iets anders gaan doen.
Als we sterk de behoefte voelen om ons innerlijke kind te troosten, wijst dat vaak op emotionele kou in de achtergrond. Dat kan uiteenlopen van duidelijke mishandeling tot subtielere vormen. Een ouder die je vaak afsnauwde, je het gevoel gaf dat je niet belangrijk was, of simpelweg emotioneel niet beschikbaar was.
Het gevolg als volwassene: jezelf afsnauwen, jezelf niet serieus nemen of jezelf nauwelijks zien.
Emotionele kou leidt tot een pijnlijke en urgente behoefte aan verbinding. Door zelf je innerlijke kind op schoot te nemen, creëer je die verbinding van binnenuit. Dat maakt je minder afhankelijk van anderen. Veel traumawerk richt zich dan ook terecht op contact maken met dit behoeftige innerlijke kind.
Je verstrikte innerlijke kind bevrijden
Maar er is nog een andere variant. Eén die opvallend vaak over het hoofd wordt gezien. Niet alle gezinnen zijn emotioneel te koud. Sommige zijn juist emotioneel te warm. Te dichtbij. Verstikkend.
Ook hier bestaat een bandbreedte.
Bij emotionele kou zien we varianten als streng, dominant en in het uiterste geval tiranniek gedrag.
Bij emotionele verstikking loopt het van betuttelend via manipulerend naar parasiterend. Dat laatste betekent dat het kind de ouder emotioneel moet voeden in plaats van andersom. Een rol die geen enkel kind vrijwillig kiest.
Opgroeien in zo’n gezin is net zo beschadigend als opgroeien in een koud gezin, maar veel minder zichtbaar. Strengheid en tirannie vallen vaak op. Betutteling en manipulatie niet. Die spelen zich vooral onder de huid af.
Bij het werken met deze innerlijke kinderen is de helende beweging een andere. Het gaat hier niet om het kind op schoot zetten. Integendeel. Deze kinderen hebben vooral behoefte aan ruimte. Aan loskomen. De kunst is om zorgvuldig af te stemmen en stap voor stap de knellende banden te ontwarren. Pas als het innerlijke kind zelf aangeeft dat nabijheid fijn is, komt op schoot zitten überhaupt in beeld.
Gevolgen en herstel
Of je nu te koud, te warm of in een verwarrende combinatie bent opgegroeid, het gevolg is vaak hetzelfde. Je hebt niet geleerd om op een gezonde manier met je eigen behoeften om te gaan. Misschien herken je ze niet. Misschien durf je ze niet te uiten. Of misschien weet je simpelweg niet hoe, en neem je er juist te veel ruimte voor.
Dat is de kern van ontwikkelingstrauma. Leren voelen wat je nodig hebt, dat aangeven en erover onderhandelen als jouw behoeften botsen met die van een ander. Dat is al lastig genoeg als je er achttien jaar oefentijd voor krijgt. KOPP’ers hebben die luxe meestal niet, terwijl de omgeving wél sociaal volwassen gedrag verwacht.
Ontwikkelingstrauma is in feite een achterstand. En achterstanden kun je inhalen.
Zodra je stopt met jezelf veroordelen omdat je sociaal onhandig bent, of omdat je altijd aan het pleasen bent, ontstaat er ruimte om alsnog te leren wat je als kind had moeten leren. In kleine stapjes. Hele kleine. Want anders gaan doen dan je gewend bent, voelt spannend. Soms zelfs ronduit eng.
Maar het goede nieuws is: je hoeft het niet perfect te doen. En ook niet alleen.
FAQ wat betekent KOPP
KOPP staat voor Kind van Ouders met Psychische Problemen. Dit zijn kinderen die opgroeien of zijn opgegroeid met één of beide ouders die psychische problemen hebben, zoals depressie, angststoornissen, schizofrenie, persoonlijkheidsstoornissen of verslavingsproblematiek.
KVO staat voor Kind van Verslaafde Ouder. Dit is een specifieke subcategorie van KOPP, waarbij de ouder kampt met een verslaving aan alcohol, drugs of andere middelen. Verslavingsproblematiek valt onder psychische problemen, maar heeft ook specifieke kenmerken.
Onderzoek toont aan dat ongeveer twee derde van de kinderen die opgroeien met een ouder met psychische problemen, later zelf ook psychische klachten ontwikkelt. Bij de helft hiervan is de problematiek zo ernstig dat intensieve of langdurige behandeling nodig is.
Kinderen vormen hun identiteit door zich te spiegelen aan hun ouders. Ze leren van hun ouders wat normaal gedrag is en wat een gezonde intieme relatie betekent. Bij psychische problemen van de ouder kan deze ontwikkeling verstoord raken. Ook kunnen erfelijke factoren een rol spelen. De eerste intieme relatie – die met de verzorgende ouder – is bepalend voor latere relaties.
Parentificatie of rolomkering betekent dat het kind de zorgrol van de ouder overneemt. Het kind moet zorgen voor de ouder in plaats van andersom. Dit gebeurt vaak uit overleving – het kind heeft geen andere keuze. Deze rolomkering heeft grote gevolgen voor het latere leven: volwassen KOPP’ers voelen vaak dat ze móeten zorgen voor anderen en hebben moeite met grenzen stellen.
Volwassen KOPP’ers kunnen kampen met verschillende problemen, zoals:
Problemen met het aangaan van intieme relaties
Burn-out klachten door te veel verantwoordelijkheid nemen
Woede en verwerking van het verleden
Depressie, angsten of andere psychische klachten
Moeite met grenzen stellen
Breuk met familie
Onverwerkte trauma’s uit de jeugd
Op It’s Just Therapy kun je KOPP therapeuten vinden die gespecialiseerd zijn in het begeleiden van kinderen en volwassenen die zijn opgegroeid met ouders met psychische problemen. Je kunt ook contact opnemen met Kassandra Goddijn, de schrijfster van dit artikel.
Lees meer inspirerende artikelen
Emotionele blokkades oplossen: een zachte weg naar meer vrijheid
Saskia Beugel
Mindfulness & regressietherapeut
2026: Een nieuw jaar, een nieuwe kans voor jouw mentale welzijn
Vind een therapeut It's Just Therapy
Vind een therapeut op It's Just Therapy
Waar regulier en holistisch samenkomen: waarom onze therapeuten anders zijn
Saskia Beugel
Mindfulness & regressietherapeut